Installatie-instructie

Installation instructions, accessories
Volvo Car Corporation Gothenburg, Sweden
XC60 2009
XC60 (-17) 2009

Instructienr.VersieOnd. nr.Click to download PDF-version of this Installation Instruction
312668571.330746041, 30772269, 30723531
Cruise control




IMG-290723




 
Uitrusting
IMG-242205
A0000162
IMG-239664

IMG-284902

IMG-290724


 
  

INLEIDING

  • Lees de hele instructie door voordat u met de montage begint.

  • Opmerkingen en waarschuwingsteksten zijn bedoeld voor uw veiligheid en om de kans op defecten bij montage te beperken.

  • Controleer voordat u met de montage begint of alle gereedschappen die in de instructie staan beschikbaar zijn.

  • Bepaalde stappen in de instructie worden uitsluitend met afbeeldingen gepresenteerd. Bij meer gecompliceerde stappen staat ook een verklarende tekst.

  • Bij eventuele problemen met de instructie of het accessoire kunt u contact opnemen met uw lokale Volvo-dealer.

1
IMG-237320
 

  • Draai de contactsleutel in stand I om het stuurslot te deactiveren.

  • Ontkoppel de minkabel van de accu.


NB!

Het SRS-systeem blijft nog enige tijd na het loskoppelen van de spanning actief. Wacht daarom drie minuten voordat u met de werkzaamheden begint.


2
IMG-217441
 

  • Draai het stuurwiel een kwartslag zodat u bij de gaten aan de achterzijde van het stuurwiel kunt komen.

3
IMG-217560
 

  • Steek een schroevendraaier in het gat (1) aan de achterzijde van het stuurwiel, haaks op het achtervlak van het stuurwiel. Steek de schroevendraaier zo ver mogelijk naar binnen om de stand van het uiteinde van de veerklem (2) te bepalen.

  • Plaats het uiteinde van de schroevendraaier boven op de veerklem (zie afbeelding).

  • Wrik de schroevendraaier omhoog in de richting van de bovenkant van het gat (1) totdat het uiteinde van de schroevendraaier de veerklem omlaagdrukt (2) en één zijde van de stuurwieleenheid losspringt en loskomt uit de bevestiging.

  • Draai het stuurwiel een halve slag in de tegengestelde richting. Voer dezelfde handeling uit aan de andere zijde.

  • Draai het stuurwiel naar de neutrale stand.

4
IMG-217442
 

  • Klap de stuurwieleenheid naar buiten.

  • Verwijder de twee connectoren voor de ontstekingskabels van de airbag (1). Druk de pallen op de zijkanten in. Trek vervolgens de connectoren naar buiten.


    NB!

    De connectoren zitten stevig vast. We raden u echter af gereedschap te gebruiken bij het verwijderen.


  • Leg de stuurwieleenheid opzij.


Waarschuwing!

Plaats de stuurwieleenheid in een veilige positie met de voorzijde omhoog als u de werkzaamheden uitvoert.


5
IMG-217520
 

  • Neem links het loze toetsenblok en rechts het toetsenblok uit het stuurwiel door deze voorzichtig los te wrikken met een kunststof tochtstripgereedschap. Draai het tochtstripgereedschap om de toetsenblokken naar buiten te drukken. Deze zitten met drie taps stevig in het midden vast en dus is er kracht nodig om ze te verwijderen. Het loze toetenblok wordt niet opnieuw gebruikt.

6
IMG-290785
 

  • Neem de connector voor het rechter toetsenblok weg. Als de auto is uitgerust met RTI neemt u connector (1) los.

7
IMG-284884
 

  • Maak de massakabel los.

8
IMG-284885
 

  • Verwijder de drie schroeven in de claxonring, trek deze iets naar buiten en maak de groene connector (1) los.

  • Leg de claxonring opzij omdat u die niet opnieuw hoeft te gebruiken.

9
IMG-284888
 

  • Neem de nieuwe claxonring en het nieuwe toetsenblok uit de set.

  • Controleer of de drie veren onder de claxonring op hun plaats zitten.

  • Bevestig de claxonring op zijn plaats in het nieuwe stuurwiel.

  • Monteer de drie schroeven en haal deze kruiselings aan met 8±2 Nm (6±1.5 lbf.ft.).


    NB!

    De schroeven zijn zelftappend. Dit kan betekenen dat ze misschien moeilijk vast te draaien zijn.


  • Leid de ontstekerkabels in de houder (1).

  • Sluit de groene connector (2) aan.

  • Controleer de werking van de claxonring door de claxonring over de hele omtrek in te drukken. U hoort een metaalachtig geluid wanneer de drie contactpunten elkaar raken.

10
IMG-284891
 

  • Sluit de massakabel aan.

11
IMG-290763
 

  • Sluit de connectoren aan op de beide toetsenblokken. Connector (1) geldt voor auto's met RTI.

12
IMG-285536
 

  • Druk de toetsenblokken voorzichtig in het stuurwiel.

13
IMG-217522
 

  • Controleer of de twee veren (1) op hun plaats zitten.

  • Controleer of de ontstekerkabels in de houder (2) zitten.

  • Neem de stuurwieleenheid erbij en druk de twee connectoren van de ontstekingskabels voor de airbag vast.

  • Steek de twee pennen aan de achterzijde van de stuurwieleenheid in de twee veren. Zorg ervoor dat de ontstekingskabels nergens klem zitten

  • Duw de stuurwieleenheid vast in de bevestigingen. U moet twee duidelijke klikken horen.

14
IMG-236182
 

Minkabel bevestigen na werkzaamheden aan SRS-onderdelen


Waarschuwing!

Zorg dat er tijdens deze werkzaamheden niemand in de auto aanwezig is.


  • Activeer het SRS-systeem conform VIDA voertuigcommunicatie, "SRS, SRS-systeem onder spanning zetten" voordat u de contactsleutel activeert.

    Vensterruiten initiëren

  • Initialiseer de positie van de ruiten, zie VIDA Autocommunicatie, "Initialiseren van de positie van het raam".