Installatie-instructie

Installation instructions, accessories
Volvo Car Corporation Gothenburg, Sweden
XC90 2005
XC90 (03-) 2005

Instructienr.VersieOnd. nr.Click to download PDF-version of this Installation Instruction
307890501.130664415, 30664826
Stuurwiel, sport




M6400663




 
Uitrusting
A0000162
A0000161

M8802509

M8802108

D8802049

R8802817

M6400691

IMG-213320


 
  

INLEIDING

  • Lees de hele instructie door voordat u met de montage begint.

  • Opmerkingen en waarschuwingsteksten zijn bedoeld voor uw veiligheid en om de kans op defecten bij montage te beperken.

  • Controleer voordat u met de montage begint of alle gereedschappen die in de instructie staan beschikbaar zijn.

  • Bepaalde stappen in de instructie worden uitsluitend met afbeeldingen gepresenteerd. Bij meer gecompliceerde stappen staat ook een verklarende tekst.

  • Bij eventuele problemen met de instructie of het accessoire kunt u contact opnemen met uw lokale Volvo-dealer.

 

Voorbereidingen

1
A8800136
 

Voorbereidingen

  • Draai de contactsleutel naar stand 0. Verwijder de contactsleutel uit het contactslot.

  • Ontkoppel de minkabel van de accu.


NB!

Wacht ten minste drie minuten voordat u de connectors demonteert of andere elektrische onderdelen verwijdert.


 

3-spaaks stuurwiel verwijderen

2
M6400668
 

3-spaaks stuurwiel verwijderen

  • Zet de contactsleutel terug en draai deze in stand "I" om te voorkomen dat het stuurslot naar binnen valt.

  • Draai het stuurwiel een kwartslag zodat u bij de gaten op de achterzijde van het stuurwiel kunt komen.

3
M6400670
 

  • Steek de schroevendraaier loodrecht in het gat (2) aan de achterkant van het stuurwiel.

    Steek de schroevendraaier zo ver mogelijk in het gat en voel waar het uiteinde van de klemveer (1) zit.

  • Plaats het uiteinde van de schroevendraaier boven op de veerklem (zie de afbeelding)

  • Wrik de schroevendraaier omhoog in de richting van de bovenste rand van het gat (2) totdat het uiteinde van de schroevendraaier de veerklem omlaag drukt (1) en één zijde van de stuurwieleenheid losspringt en loskomt uit de bevestiging

  • Draai het stuurwiel een halve slag in de tegengestelde richting. Voer dezelfde handeling uit aan de andere zijde

  • Draai het stuurwiel naar de neutrale stand.

4
M3903271
 

  • Klap de stuurwieleenheid naar buiten

  • Verwijder de twee connectors (1) voor de ontstekingskabels van de airbag. Druk eerst de pallen op de zijkanten in. Trek vervolgens de connectors naar buiten.


    NB!

    De connectors zitten stevig vast. We raden u echter af gereedschap te gebruiken bij het verwijderen.


  • Leg de stuurwieleenheid opzij.

5
M6400685
 

    Verwijder:

  • de connector (1)

  • de schroef (2) waarmee het stuurwiel vastzit, laat het stuurwiel op zijn plaats zitten.

6
M6400686
 

    Verwijder:

  • de schroef (1). Bevestig de schroef in de contactrol (2).

  • het stuurwiel. Trek de bedrading naar buiten door het gat in het stuurwiel.

 

7
M6400687
 

  • Verwijder de schroef (1) en ontkoppel de massakabel.

    Geldt voor auto's zonder op het stuurwiel gemonteerde knoppenset voor RTI

  • Verwijder de drie schroeven (2) en haal de signaalring (3) uit het stuurwiel.

  • Leg het stuurwiel weg.

    Geldt voor auto's met op het stuurwiel gemonteerde knoppenset voor RTI

  • Verwijder de drie schroeven (2) en ontkoppel de signaalring (3).

8
M6400688
 

Geldt voor auto's met op het stuurwiel gemonteerde knoppenset voor RTI

  • Draai de signaalring voorzichtig omhoog en leg hem zoals op de afbeelding is aangegeven.

  • Maak de connector van de op het stuurwiel gemonteerde knoppenset voor RTI los door de vergrendeling (1) in te drukken en de connector te ontkoppelen.

  • Leg de signaalring weg.

9
M6400689
 

Geldt voor auto's met op het stuurwiel gemonteerde knoppenset voor RTI

    Verwijder:

  • de twee schroeven in de bevestigingsbeugel van de knoppenset voor RTI.

  • de bevestigingsbeugel en druk de knoppenset uit de stuurwielkap.

  • Leg het stuurwiel weg.

10
M6400676
 

Geldt voor auto's met trillingsdemper

  • Verwijder de schroef (2) en de trillingsdemper (1).

  • Leg het stuurwiel weg.

 

4-spaaks stuurwiel verwijderen

11
D8501891
 

4-spaaks stuurwiel verwijderen

  • Zet de contactsleutel terug en draai deze in stand "I" om te voorkomen dat het stuurslot naar binnen valt.

  • Draai de twee veerbelaste schroeven (1) aan de achterkant van het stuurwiel los met een Torx T30 schroevendraaier.

  • Draai de schroeven zo ver naar buiten dat de schroefdraadwindingen loskomen en terugveren.

  • Klap de stuurwieleenheid (2) naar buiten.


    NB!

    Wees voorzichtig met de kabels.


12
M8802904
 

    Verwijder:

  • de connector voor de claxon (1).

  • de connectors voor SRS (2). Druk de vergrendelingen aan de zijkanten in en trek de connectors vervolgens voorzichtig recht naar achteren.


    NB!

    De aansluitstekkers zitten stevig vast, maar gebruik desondanks geen gereedschap bij het losmaken.


  • de stuurwieleenheid. Leg deze met de voorkant naar boven op een veilige plaats weg.

  • de bout (3), maar laat het stuurwiel op zijn plaats.

  • de trillingsdemper (4), indien van toepassing.

  • de connector voor de knoppenset voor RTI indien aanwezig.

13
M8802905
 

    Verwijder:

  • de schroef (1). Bevestig de schroef in de contactrol (2).

  • het stuurwiel. Trek de bedrading uit de opening (3).

 

Het nieuwe stuurwiel bevestigen

14
 

Het nieuwe stuurwiel bevestigen

  • Pak het nieuwe stuurwiel.

    Geldt voor auto's met trillingsdemper

  • Plaats de trillingsdemper in het nieuwe stuurwiel en zet hem met de schroef vast. Zie punt .


    NB!

    Zorg ervoor dat de schroef goed is aangedraaid en dat de trillingsdemper goed vast zit. De schroef is zelftappend. Hierdoor kan het zijn dat het aandraaien van de schroef traag verloopt.


15A
M3903760
15B
M3903761
 

Geldt voor auto's met op het stuurwiel gemonteerde knoppenset voor RTI, bij het wisselen naar een houten stuurwiel

    Afbeelding A

  • Plaats het stuurwiel in een geschikte stand en maak met een klein mes een gat volgens de aangebrachte markeringen.


NB!

Let er bij het uitsnijden op dat u het mes loodrecht op de achterkant van het stuurwiel houdt. Dit om te voorkomen dat het gat te groot wordt. De rand rondom de knoppenset is namelijk maar ongeveer 1 millimeter groter dan de knoppenset zelf


Afbeelding B

  • Snijd een gedeelte van het materiaal aan de achterkant van de spaak van het stuurwiel weg.

  • Snijd beetje bij beetje zoveel materiaal weg totdat de knoppenset goed past. Controleer regelmatig de pasvorm.

16
M3903762
 

    Geldt voor auto's met op het stuurwiel gemonteerde knoppenset voor RTI, bij het wisselen naar een houten stuurwiel

  • Pak de knoppenset, de twee schroeven en de bevestigingsbeugel. Zorg dat de leidingen aan de onderkant van de spaak van het stuurwiel komen.

  • Plaats de knoppenset in het gat in het stuurwiel met de tekst op de knoppen naar buiten. Druk de knoppenset goed vast zodat deze goed op de kap van het stuurwiel aansluit.

17
M3903757
 

    Geldt voor auto's met op het stuurwiel gemonteerde knoppenset voor RTI, bij het wisselen naar een houten stuurwiel

  • Pak de schroeven en schroef de knoppenset met de beugel rond de spaak van het stuurwiel vast.

18
M3903758
 

    Geldt voor auto's met op het stuurwiel gemonteerde knoppenset voor RTI

  • Pak de signaalring en plaats deze zoals op de afbeelding is aangegeven.

  • Sluit de connector van de knoppenset aan op de aansluiting aan de achterkant van de knoppenset rechts op de signaalring. De leiding van de knoppenset is erg kort en het kan daarom moeilijk zijn om de connector op de juiste plek te krijgen.

19
 

  • Plaats de signaalring terug in het stuurwiel. Zie punt - . Controleer of de drie veren aan de onderkant op hun plek zitten en dat de massakabel niet klem zit.

  • Bevestig de drie schroeven in de signaalring. Draai de schroeven kruiselings aan. Draai aan tot 8±2 Nm (6±1,5 lbf.ft.).


    NB!

    De schroeven zijn zelftappend.


  • Plaats de massakabel terug en haal deze aan.


    NB!

    Zorg ervoor dat de schroef goed is aangedraaid en dat de massakabel goed vast zit. De schroef is zelftappend. Hierdoor kan het zijn dat het aandraaien van de schroef traag verloopt.


  • Controleer de werking van de claxon door de claxon over de hele omtrek in te drukken. U hoort een metaalachtig geluid wanneer de drie contactpunten elkaar raken

20
M6400690
 

  • Haal de leidingen door de opening in het nieuwe stuurwiel. Trek de ontsteekleidingen van de airbag door de houder (1).

  • Plaats het nieuwe stuurwiel. Houdt het daarbij recht en voer de stuurpennen (2) voorzichtig in de contactrol.

  • Verwijder de schroef uit de contactrol en bevestig de schroef opnieuw in de houder. Zie punt .

  • Bevestig de nieuwe schroef (3). Draai aan tot 40 Nm (30 lbf.ft.).

  • Sluit de connector (4) aan.

21
M6400669
 

  • Controleer of de twee veren (1) op hun plaats zitten

  • Druk op de twee connectors voor de ontstekingskabels voor de airbag in de stuurwieleenheid

  • Steek de twee pennen aan de achterzijde van de stuurwieleenheid in de twee veren. Zorg ervoor dat de ontstekingskabels nergens klem zitten

  • Druk de stuurwieleenheid in de bevestigingspunten vast. (U moet duidelijk twee klikken horen).

 

Nawerk

22
A8800137
 

Nawerk

  • Draai de contactsleutel in stand II.

  • Sluit de minkabel van de accu opnieuw aan.